
Wijzigingen fossiele auto's: 12% pseudo-eindheffing
30-6-2026 De staatssecretaris van Financiën heeft enkele aanpassingen bekendgemaakt aan de regeling voor de 12% pseudo-eindheffing op fossiele personenauto’s van de zaak.Deze belastingmaatregel treedt in werking vanaf 2027.
Wat houdt de 12% pseudo-eindheffing in?
Vanaf 2027 moeten werkgevers die een personenauto aan een werknemer beschikbaar stellen, een pseudo-eindheffing afdragen aan de Belastingdienst. De heffing bedraagt 12% van de cataloguswaarde van de auto, inclusief btw en bpm.
Let op: deze regeling geldt ook voor een directeur-grootaandeelhouder (dga) die in een fossiele auto van de zaak rijdt. Ondernemers met een eenmanszaak of vennootschap onder firma (vof) worden voor hun eigen auto niet geraakt door deze heffing, maar kunnen er wel mee te maken krijgen als zij personeel een fossiele auto ter beschikking stellen.
Wanneer is de heffing van toepassing?
De pseudo-eindheffing geldt als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
- de werkgever stelt een personenauto beschikbaar aan een werknemer;
- de werknemer mag de auto ook privé gebruiken;
- de auto heeft een CO₂-uitstoot die groter is dan nul.
Let op: voertuigen die niet als personenauto worden aangemerkt, zoals bestelauto’s, vallen buiten deze regeling. Ook volledig elektrische auto's en waterstofauto's zijn uitgezonderd.
Alleen zakelijk gebruik
Auto’s die uitsluitend voor zakelijke doeleinden worden ingezet, vallen niet onder de pseudo-eindheffing. In de praktijk zal dit echter weinig voorkomen, omdat woon-werkverkeer voor deze regeling als privégebruik wordt beschouwd.
Heffing per volledige kalendermaand
De pseudo-eindheffing wordt berekend per kalendermaand. Dat betekent dat ook wanneer een werknemer slechts één of enkele dagen in een maand over een fossiele auto van de zaak beschikt, de heffing verschuldigd is over de volledige maand.
Aangekondigde wijzigingen
Na overleg tussen de praktijk en het ministerie van Financiën over verschillende knelpunten zijn enkele aanpassingen aangekondigd.
- Bij tijdelijke vervanging van een vaste auto wegens schade, onderhoud, reparatie of een bandenwissel hoeft voor de vervangende auto geen pseudo-eindheffing te worden betaald. Deze uitzondering geldt voor maximaal 14 opeenvolgende kalenderdagen.
- Daarnaast komt er een vrijstelling voor het beschikbaar stellen van een fossiele auto gedurende één aaneengesloten periode van maximaal 7 dagen per kalenderjaar. Deze tijdelijke vrijstelling vervalt op 1 januari 2031.
- Ook lesauto’s worden uitgezonderd van de pseudo-eindheffing.
Let op: tijdens de evaluatie van de regeling in 2030 wordt bekeken of deze uitzonderingen effectief zijn en of zij moeten blijven bestaan.
Verlenging van het overgangsrecht
Voor personenauto’s die al vóór 1 januari 2027 aan een werknemer ter beschikking zijn gesteld, geldt een overgangsregeling. Oorspronkelijk zou deze eindigen op 17 september 2030, maar de staatssecretaris wil deze verlengen tot 1 januari 2031. Daardoor kan de pseudo-eindheffing voor deze auto's pas vanaf die datum van toepassing worden.
Geen uitzondering bij overstap naar een andere werkgever
Een knelpunt waarvoor geen oplossing komt, is de situatie waarin een werknemer van werkgever wisselt. Wanneer een fossiele leaseauto door de nieuwe werkgever wordt overgenomen, vervalt het overgangsrecht omdat de auto onder een ander loonheffingennummer beschikbaar wordt gesteld.
Het kabinet heeft besloten hiervoor geen aanvullende regeling te treffen. Hierdoor bestaat de kans dat werknemers bij een overstap naar een andere werkgever een afkoopsom voor hun leaseauto moeten betalen.
Let op: het overgangsrecht blijft wel bestaan wanneer de auto tijdens de overgangsperiode aan een andere werknemer binnen dezelfde werkgever wordt toegewezen.
Uitzondering bij fusies en overnames
Bij fusies en overnames kan het overgangsrecht wel behouden blijven. Volgens de staatssecretaris is hiervoor geen wetswijziging nodig. Wanneer de nieuwe werkgever juridisch de plaats inneemt van de oude werkgever, blijft de overgangsregeling van kracht.
Situaties met buitenlands heffingsrecht
Tot slot heeft de staatssecretaris verduidelijkt hoe de pseudo-eindheffing moet worden berekend wanneer op grond van een belastingverdrag een deel van het heffingsrecht aan een ander land is toegewezen. In die gevallen mag dezelfde verdeling ook worden toegepast op de pseudo-eindheffing.
Bron: SRA.nl